De introductie van Append

In deze release introduceren we het tweede onderdeel van het concept Distributed Integration: “Append”. Append richt zich op het gebruik van bibliotheken en biedt een compleet nieuwe technologie om te evolueren van het beheren van kennis naar het daadwerkelijk toepassen van kennis. “Information becomes yours”.

Het concept van append bibliotheken

Met Append wordt het zeer eenvoudig om opgebouwde expertise toe te passen in projecten. Voorbeelden zijn standaard verificaties bestaande uit standaard controles, een standaard set van eisen per fysiek object, takenlijsten of complete work breakdown structures die kunnen worden toegevoegd aan uw project workspaces. Deze manier van kennisgebruik verbetert de kwaliteit, versnelt het project en vermijdt het om het wiel opnieuw uitvinden.

De Append technologie onderscheidt zich door het selectieve en dynamische karakter van de manier waarop kennis wordt toegepast in projecten. In de eerste plaats maakt een bibliotheek voorstellen en de projectleden kunnen beslissen deze informatie al dan niet op te nemen: ze zijn de enigen die kunnen beoordelen welke informatie relevant en nuttig is voor hun project. Als gevolg daarvan is het niet een vereiste dat een bibliotheek compleet en volledig beoordeeld is voordat deze kan worden gebruikt in projecten.

Ten tweede, de Append-technologie is netwerk-gericht; in plaats van het klonen van elementen, kan een heel informatienetwerk rondom een bronelement worden toegevoegd vanuit de bibliotheek aan een projectelement. Dit subtiele verschil is de start van een nieuwe manier van het gebruikmaken van kennis. Informatie van een projectelement kan geleidelijk worden verrijkt tijdens de levensduur. En voor ditzelfde element kunnen verschillende complementaire bibliotheken worden gebruikt om informatie uit te gebruiken, in plaats van slechts één uitgebreide bibliotheek.

Gebruik van append bibliotheken

Appending is het proces van verrijken van informatie van een element in de project workspace, door het informatienetwerk van het betreffende element uit een bibliotheek over te nemen.

Gegeven; een instantie-element in de project workspace, waarvan het informatienetwerk uitgebreid dient te worden, dan zal een gebruiker de volgende stappen moeten uitvoeren:

Starten. Focus op het doel en start met het append proces. Selecteer het element uit de append bibliotheek die als template moet dienen.
Verificatie. Controleer de informatie en indien gewenst kunt u delen van de beoogde informatie wel of niet overnemen.
Voltooien. Bevestig dat informatie toegevoegd kan worden, wat resulteert in een verrijking van het doelelement.

De append technologie verzamelt gegevens uit de bibliotheek en voegt deze informatie toe aan het doelelement. In een formele informatievertaling, specificeert de functioneel designer hoe informatie van de append bibliotheek in de project-workspace moet worden overgenomen. Deze vertaaltabel maakt het mogelijk dat de bibliotheek en de project workspace hun eigen onafhankelijke informatiestructuur hebben.

Als voorbeeld, neem in overweging “Project ABC”, waarin informatie van verificaties wordt beheerd, bestaande uit controles. Bij de start van het project wordt een verificatieplan opgesteld, waarin de verificaties worden beschreven die gedurende project moeten worden uitgevoerd. Tijdens het project worden verificaties uitgebreid met extra controles, om aan het einde van het project kwaliteit te kunnen leveren.

Traditioneel gesproken, worden deze controles gemaakt vanuit het niets en handmatig ingevoerd. De nieuwe append technologie geeft de functioneel designer de mogelijkheid om een bibliotheek workspace met “standaard verificaties” op stellen. Dit maakt hergebruik van informatie mogelijk, versnelt het proces en voorkomt dat belangrijke controles worden weggelaten.

Na het selecteren van een standaard controle, is een eindgebruiker nog steeds in staat om aanpassingen te maken in de subset van controles die wordt toegevoegd aan zijn project. Hierdoor kunnen projectleden opzettelijk bepaalde controles opnemen of uitsluiten. Immers, de bibliotheek "Standaard verificaties of controles" bevat waarschijnlijk een rijke set van optionele controles waaruit een keuze kan worden gemaakt.

Het creëren van een verificatie (vanaf nul) en het toevoegen van bibliotheekinformatie aan een verificatie zijn twee verschillende dingen, maar de gebruiker kan deze dingen combineren in één enkele “Create” actie die resulteert in een nieuwe 'kloon' van de standaard verificatie.

De kracht van appending ligt in de mogelijkheid om informatie meer dan eens aan hetzelfde doel toevoegen: van verschillende templates of zelfs een hele andere bibliotheek. Veronderstel dat “Project ABC” ook de set van voorzorgsmaatregelen voor een bepaalde verificatie gaat beheren. Voor dit doel wordt een tweede bibliotheek “Voorzorgsmaatregelen (Precautions)” opgesteld, die verificaties met voorzorgsmaatregelen bevat. Na het creëren van een verificatie en appenden van controles op deze verificatie, maakt de gebruiker de verificatie volledig door het toevoegen van voorzorgsmaatregelen uit de “Voorzorgsmaatregelen” bibliotheek. 

Het append algoritme is relatief eenvoudig: waar mogelijk wordt het doel verrijkt met de geselecteerde subset template informatie. Het meermaals appenden van een template op dezelfde verificatie voegt de controles net zo vaak toe (vanwege het “Create” gedrag van de relatie tussen de verificatie en de controle). Een voorzorgsmaatregel wordt overgeslagen wanneer de verificatie al de voorzorgsmaatregel bevat (vanwege het “Select” gedrag van de relatie tussen de verificatie en de controle) en voorzorgsmaatregel wordt toegevoegd als deze nog niet aanwezig is. In het geval van een conflict tussen het doel en de template, bijvoorbeeld een verschil in waarde van een eigenschap, kan de append functieniet worden uitgevoerd.

Append bibliotheken definiëren

Het opzetten van een append bibliotheek vereist geen enkele inspanning. Een Relatics type element heeft een instelling “Template behaviour” en wanneer ingesteld als “Act as template ”kunnen de instantie-elementen (en hun netwerk) gebruikt worden als templates voor elementen in andere workspaces (binnen dezelfde Relatics omgeving).

Als gevolg daarvan kunnen bibliotheken relatief eenvoudig worden ontwikkeld. Als een snelle start, overweeg dan het kopiëren van de workspace van een ‘best practice’ project en deze kopie te definiëren als een append bibliotheek. Een nieuw project kan deze bibliotheek dan direct gebruiken en verdere ontwikkeling van de bibliotheek is slechts een kwestie van herziening van de inhoud, het elimineren van redundanties, het herordenen van ‘best practice’ informatie en het verwijderen van onnodige projectgegevens.

De volgende secties bevatten twee geavanceerde configuraties die een idee geven van de kracht van append.

Gedeelde bibliotheken

Een append bibliotheek kan, net als een project workspace, gebruiken maken van het Distributed Integration concept Referencing om een koppeling te maken met andere workspaces. De project workspace en de append bibliotheek kunnen zelfs dezelfde Referencing bronworkspace delen. Bijvoorbeeld, personen in de project workspace (verantwoordelijk voor verificaties) en personen in de bibliotheek (standaard verantwoordelijk voor verificaties) verwijzen beiden naar dezelfde workspace “Werknemers (Employees)”. Toevoegen van een verificatie uit bibliotheek resulteert in gerelateerde personen in de project workspace die in feite pointers zijn naar de “Werknemers (Employees)” workspace.

Een ander voorbeeld is een workspace “OTL” (Object Type Library”) die een taxonomie bevat. Door het delen van de “OTL” als een Referencing bron over project workspaces en append bibliotheken, faciliteren we een gemeenschappelijke taal om verbinding te maken met allerlei soorten informatie: zowel de project workspaces als de bibliotheken gebruiken deze gedeelde taxonomie.

Gestapelde bibliotheken

De afbeelding hieronder toont hoe "Standaard verificaties" en "Standaard controles" worden beheerd in aparte append bibliotheken. De "Standaard verificaties" bibliotheek is gebaseerd op “Standaard controles” met gebruikmaking van Referencing. Dus een gebruiker die standaard verificaties bepaalt, selecteert eigenlijk uit de “Standaard controles” bibliotheek.

Aan de andere kant, de project workspace kan zowel gebruik maken van zowel “Standaard verificaties” en “Standaard controles” als append bibliotheken. Natuurlijk, stelt dit een projectlid in staat om gebruik te maken of append te gebruiken voor het toevoegen van “Standard controles” wanneer controles worden toegevoegd een verificatie. 

Maar nog belangrijker, wanneer een projectlid een verificatie toevoegt uit “Standaard verificaties”, volgt de append technologie de standaard verificatie om informatie te verzamelen uit “Standaard controles”. De bibliotheken gedragen zich alsof ze zijn gestapeld. Dus wanneer er een controle of verificatie wordt toegevoegd, wordt de meest recente informatie van “Standard controles” gebruikt.

Wanneer we binnen het concept van gestapelde bibliotheken nog een stap verder kijken: stel je een workspace “Standaard systemen” voor die standaard systemen en de vereiste norm controles of standaard keuringen definieert. Met andere woorden, “Standaard systemen” wordt gestapeld op “Standard verificaties”. Als een gebruiker van de project workspace nu append gebruikt voor de toevoeging van een standaard systeem of nu een standaard systeem toevoegt, wordt de “Standaard verificaties” bibliotheek benaderd om verificaties toe te voegen en de “Standaard controles” bibliotheek wordt gebruikt om controles toe te voegen, zoals eerder uitgelegd.

Mapping van append bibliotheken

Hoe een project workspaces informatie overneemt vanuit een append bibliotheek wordt gedefinieerd door een zogenaamde Append definition die aangeeft hoe kenmerken, eigenschappen en betrekkingen worden toegewezen. Bijvoorbeeld, in de project workspace, een append definitie voor het  type element “Verificatie” geeft aan, hoe u een “Standaard verificatie” in workspace “Standaard verificatie” overneemt in de project workspace.

Als de relatie van een doel beschikt over "Create" gedrag, kan vervolgens het volledige netwerk worden toegewezen. Op deze manier kunnen rijke informatiestructuren worden toegevoegd.

Daarnaast kunnen select-relaties in de bibliotheek worden gebruikt om (middels append) create-relaties aan het project toe te voegen. Bijvoorbeeld in de bibliotheek “Standaard verificaties” kan de relatie tussen de standaard verificatie en controle beschikken over “Select” gedrag, terwijl de relatie tussen verificatie en controle in de project workspace beschikt over “Create” gedag. Dit houdt de append bibliotheek onderhoudbaar terwijl in het project elke verificatie zijn eigen set controles en bijbehorende antwoorden heeft.

Release datum

Vrijgegeven op 14 April, 2016.